De Gelderlander, Opiniepagina, 16 juli, 2007:
Kwaliteit is Transdev op het lijf geschreven
door Eduard de Jong -
Welke invloed kan de overname van Connexxion door het Franse Transdev hebben op een aan te leggen tramlijn in Nijmegen?
Met een consortium bestaande uit het Franse openbaar vervoerbedrijf Transdev en de Bank Nederlandse Gemeenten is door het Ministerie van Financiën overeenstemming bereikt over de verkoop van tweederde van de aandelen van Connexxion.
Transdev is één van de drie grote openbaar vervoerbedrijven in Frankrijk. De exploitatie van tram en bus in een aantal middelgrote tot grote steden wordt door Transdev verzorgd. Bij uitstek is Transdev gespecialiseerd in de exploitatie van tramlijnen, niet alleen in Frankrijk maar wereldwijd. Enkele voorbeelden: in de Franse steden Nantes, Grenoble, Straatsburg, Montpellier en Valenciennes maar ook in het Portugese Oporto, in het Engelse Nottingham en in het Australische Melbourne rijden trams van Transdev: in totaal 950 stuks. Transdev is wereldmarktleider in tramsystemen. De ambities van Transdev reiken verder: het bedrijf werkt samen met de Spaanse overheid bij de exploitatie van de tram op het eiland Tenerife, plannen worden uitgewerkt voor de realisatie van een tramlijn in Edinburgh (Schotland) en de bouw van een nieuwe tramlijn in het Franse Reims is in voorbereiding.
Waarom heeft Transdev in al deze steden voor trams gekozen? Het antwoord op deze vraag is eind jaren '70 ingegeven door de Franse overheid. In een groot aantal steden was het autoverkeer volledig vastgelopen en kon het openbaar vervoer geen serieus alternatief bieden om je in de stad te verplaatsen: bussen waren vies, langzaam, niet comfortabel en liepen vast in de files van het autoverkeer. Er werd een openbaar vervoermiddel gezocht en gevonden, dat snel en comfortabel is, schoon en op een eigen vrije baan rijdt. De oplossing heette: tram.
In samenwerking met de Franse gemeentebesturen heeft Transdev eraan gewerkt, dat er vrijliggende trambanen werden aangelegd, zodat er een aantrekkelijk alternatief kan worden geboden aan de reiziger, die zich door de stad wil verplaatsen. De aanleg van trambanen, op een fraaie manier ingebed in een groene (gras) omgeving leidde er bovendien toe, dat de leefbaarheid in de stad toenam en dat het imago van het openbaar vervoer verbeterde: niet alleen sociaal zwakkeren, maar ook zakenmensen maken gebruik van de tram.
Bedrijven gaan zich vestigen langs tramtrajecten en in de nabijheid van tramhalten worden nieuwe woningen en kantoren gebouwd. De exploitatie met trams heeft tot een toename van het aantal reizigers in het openbaar vervoer met meer dan 50 procent geleid. In alle steden leidde het succes van een eerste tramlijn tot de aanleg van volgende lijnen en er zijn tramnetwerken gerealiseerd. Ook in kleinere steden/ regio's is de tram 'ontdekt': de bouw van tramlijnen in Angers (155.000 inwoners) en Le Mans (145.000 inwoners) is in volle gang.
Transdev heeft al laten blijken de kennis en ervaring op het gebied van tramsystemen ook in Nederland te willen inzetten. Transdev heeft belangstelling voor de exploitatie van het Amsterdamse tramnet, maar ook in de aanleg van nieuwe tramlijnen is het bedrijf actief. De belangstelling van Transdev houdt niet op bij tramlijnen: op verbindingen met te lage reizigersaantallen voor een tram worden vrije busbanen aangelegd, waarop bussen worden ingezet die het imago en de kwaliteit van een tram zo veel
mogelijk benaderen.
Transdev blijft echter de voorkeur geven aan trams: zij zijn een krachtig middel om meer reizigers aan te trekken. In Nijmegen (160.000 inwoners) worden zo'n 20.000 reizigers per dag verwacht op een tramverbinding tussen de Waalsprong en Heijendaal: voldoende om de aanleg van een relatief dure trambaan te rechtvaardigen. In navolging van een project in Reims, waar Transdev deel uitmaakt van een groep bedrijven, die de tramlijn bouwt, materieel aanschaft en de lijn gedurende een concessieperiode van 30 jaar exploiteert, lijkt Transdev (Connexxion) geïnteresseerd in de aanleg en exploitatie van de Keizerlijn tussen de Waalsprong en campus Heyendaal in combinatie met een langdurige concessie. Kwaliteitsverbetering van openbaar vervoer is Transdev op het lijf geschreven.
Eduard de Jong is freelance journalist.
De Gelderlander, 20 juni
2007:
Sneller, veiliger en dynamischer dan de bus
NIJMEGEN - Al tien jaar pleit Marcel Walraven, voorzitter van Viev, platform voor innovatief openbaar vervoer, voor een tram in Nijmegen. Hij is dan ook blij met de tramstudie die Nijmegen en de regio laten uitvoeren.
Op elke inspraakbijeenkomst over de aanleg van een busbaan door de spoorkuil in Nijmegen stond
Marcel Walraven afgelopen jaren vooraan. Hij juichte de aanleg van die snelle ov-route zonder hindernissen van het Centraal Station naar de campus Heyendaal toe, maar begreep niet waarom Nijmegen op dit traject voor de bus koos. „Het was vanaf het begin duidelijk dat er meer dan vijftienduizend reizigers per dag op dit traject zouden instappen. En zo'n aantal is voldoende voor een tram. Nu zitten ze zelfs al boven de achttienduizend.”

Een voorbeeld: in Valenciennes
(Frankrijk) bracht de tram veel groen in de stad.
En dat laatste betekent dat het bussysteem aan zijn top zit. In de spits rijdt er elke twee minuten een bus. Meer is niet mogelijk. De inzet van nog langere bussen is een optie, maar ook hieraan kleven nadelen. Met een tram in de spoorkuil kunnen er veel meer mensen vervoerd worden.
Walraven is dan ook zeer tevreden over het besluit van de gemeente Nijmegen en de Stadsregio om serieus naar de inzet van een tram te gaan kijken.
Eindelijk, hoor je hem zelfs zuchten. In 1996 pleitte hij voor het eerst voor de tram. Hij zag kansen voor trams naar Groesbeek en Kleef, naar Molenhoek, naar Boxmeer en over
de Waalbrug de Betuwe in. „Het is geen grootheidswaanzin. Het idee dat Nijmegen te klein is voor de tram is onzin.
Daar is veel koudwatervrees bij. De tram is niet alleen een oplossing voor miljoenensteden. Je ziet in tal van middelgrote steden in Frankrijk en in Duitsland dat de tram aan een opmars bezig is.
Zwickau, Kassel,Valenciennes, Orleons, Saarbrücken.” In al die steden is de bereikbaarheid een geweldig probleem en biedt de tram een oplossing.
Ook in de Stadsregio Arnhem-Nijmegen dreigt een verkeersinfarct. Te lang hebben bestuurders ingezet op de bus als een van de oplossingen,
meent Walraven, die projectleider is bij Prorail. „In de psychologie van het verkeer is bekend dat de bus van mensen de laagste waardering krijgt. Een bus spreekt de hogere bevolkingsklasse niet aan. Mensen stappen alleen in de bus als ze geen andere keus hebben. Een tram daarentegen heeft wel aantrekkingskracht op automobilisten. De tram is dynamisch, comfortabeler. De tram rijdt op tijd. Het zijn allemaal pluspunten die de bus niet heeft.”
Ervaringen in andere steden leren bovendien dat bedrijven zich graag vestigen rond de grote tramstations.
Walraven snapt overigens wel waarom de discussie over de inzet van een tramsysteem in Nijmegen zo moeizaam is verlopen. „Met de tram maak je een keus voor de lange termijn. Je moet er de ruimtelijke inrichting van de stad op afstemmen. Wat ook meespeelde was dat Nijmegen een eigen gemeentelijke vervoerbedrijf had.
Busjes rijden, dat was de taak van Novio. Nadenken over een alternatief zoals de tram paste daar niet bij.”
En dan zijn er ook nog de hoge investeringskosten. Een kilometer tramrail vergt al snel een bedrag van tien miljoen euro. Toch wordt de tram snel populair in Nederland. In Groningen heeft een onderzoek de tram enkele maanden geleden als de beste
ov-optie voor de stad aangewezen. In Enschede wordt ook al enige tijd gesproken over de introductie van een tram.
In Zuid- Limburg is de komst van een tram tussen Maastricht en het Belgische Hasselt actueel. Die tram rijdt dan ook over het treinspoor.
Zo’n tramtrein heeft ook de voorkeur van Marcel Walraven. Een tram die over spoor- en tramrails kan rijden, biedt meer mogelijkheden voor ov-routes. „Dan kunnen we ook tramverbindingen maken
met Wijchen.”
Het bergspoor was in de jaren vijftig mogelijk de meeste bekende tramlijn van Nederland. Het lijntje van Nijmegen naar Berg en Dal trok jaarlijks ruim tweehonderdduizend reizigers. Het traject was een nationale toeristische attractie, met name door het viaduct van Beek naar Berg en Dal. De lijn werd geëxploiteerd door de Nijmeegse Tramweg Maatschappij die nog vier andere elektrische tramlijnen onderhield.
Er liepen trams tussen het station en het centrum en naar Hengstdal, St. Anna, Hees en Neerbosch. Direct na de Tweede Wereldoorlog gingen er stemmen op om de tramlijnen op te heffen. De directeur van het trambedrijf wist dat echter te voorkomen. Het opheffingsbesluit viel uiteindelijk op 24 mei 1950. Daarna duurde het nog eens vijf jaar voordat de tram daadwerkelijk uit het Nijmeegs stadsbeeld verdween. Op 20 november 1950 reed de laatste tram door de straten van Nijmegen. De trolleybus volgde de tram op. De elektrische tram was overigens de opvolger van de stoomtram die aan het einde van de 19de eeuw tussen Nijmegen en Beek en Berg en Dal
reed.
Meerderheid raad voor tram in Nijmegen
NIJMEGEN - De Stadsregio Arnhem-Nijmegen heeft een Concept-Masterplan Openbaar Vervoer opgesteld. In dit plan staan alle plannen voor het
openbaar vervoer in de regio Arnhem-Nijmegen. Denk hierbij aan nieuwe buslijnen, verbeteren van stations en minder overstappen. Kortom, alle
maatregelen die nodig zijn om de bereikbaarheid van Nijmegen te verbeteren
via het openbaar vervoer. Op dit plan mogen de Stadsregiogemeenten reageren.
Kamerronde
Het plan werd tijdens de Politieke Avond van 20 juni 2007 besproken. In de raadskamer werden kritische vragen gesteld door de fracties van het CDA en
GroenLinks over de eerste reactie op dit masterplan die het college wil versturen naar de stadsregio. Het CDA en GroenLinks hebben ieder geval
aangekondigd dat zij tijdens de Politieke avond van 27 juni 2007
amendementen willen indienen op de concept-reactie van het college. Deze wijzigingen gaan dan mogelijk over de spoorlijn
Nijmegen-Kleef, het onderzoek naar Hoogwaardig openbaar vervoer, ofwel een tram in de
binnenstad van Nijmegen, het gebruik van de fiets en het rekeningrijden als financieringsbron.
Trams in Nijmegen
Naast dit masterplan heeft het college het plan aan de raad voorgelegd om een tram in de binnenstad van Nijmegen te laten rijden. In eerste instantie
gaat het dan om een tramverbinding tussen de Waalsprong, de Nijmeegse binnenstad en campus Heijendaal. Dit vraagt een aanzienlijke investering.
De stadsregio steunt dit plan en wil daar ook aan meebetalen. Van de
Provincie zijn er nog geen concrete toezeggingen. Het College en de stadsregio moeten de haalbaarheid van het plan nog onderzoeken. Als alles
doorgaat dan moet er nog een oplossing worden gevonden voor de markt die nu plaatsvindt op de Burchtstraat en de Augustijnenstraat. De raad had dus
heel wat te bespreken tijdens de Kamerronde.
Verder bespreking op 27 juni 2007
De conceptreactie van het college wordt opnieuw besproken in de besluitronde van de Politieke avond van 27 juni 2007. De komende maanden
wordt de haalbaarheid van de tram onderzocht. Tot 14 augustus 2007 hebben belanghebbenden de mogelijkheid van inspraak en in het najaar worden de
conclusies van deze inspraak weer voorgelegd aan de Raad voor een
definitief besluit (naar verwachting in oktober 2007).
Bron:Infrasite, 26 juni 2007
De Gelderlander, 21 juni
2007:
'Stadstram, liever vandaag dan morgen'
NIJMEGEN - De terugkeer van de tram in Nijmegen en regio kan op steun van een meerderheid van de Nijmeegse politieke fracties rekenen.
Sommigen kunnen zelfs niet wachten op de introductie van dit moderne vervoersmiddel.
,,Liever vandaag dan morgen'', zegt Jolanda van Veluw (VVD). Zij zou de bus zo uit de Burchtstraat willen schoppen om de tram de ruimte te geven. Een tram is veel veiliger en comfortabeler, meent zij. Voor reizigers, maar zeker ook voor het publiek in het centrum. Klein Hemmink van
'Gewoon Nijmegen' ziet overigens nog wel problemen. Hij vreest vooral het lawaai van de tram in de binnenstad.
De toekomst van het openbaar vervoer in de Stadsregio Arnhem-Nijmegen stond gisteren ter discussie in het stadhuis. Toch kwam de tram daarbij slechts kort aan de orde. Het recente voorstel van wethouder Jan van der Meer om samen met de Stadsregio een studie te doen naar de mogelijkheden van de tram, komt pas in oktober in de raad. De inspraak voor deze studie die moet leiden naar een tramnetwerk in stad en regio (vooral Betuwe), is pas gestart. De studie moet vooral helder maken of er voldoende middelen beschikbaar komen voor de (dure) aanleg.
Wouter van Eck (GroenLinks) hamerde er alvast op dat hij ook financiële steun verlangt van de provincie Gelderland.
,,Er is 1,2 miljard voor het leggen van nieuw asfalt in deze regio, maar slechts enkele tientallen miljoenen voor extra steun aan het openbaar vervoer. Dat klopt
niet.'' Van der Meer onderschreef die stelling.
Onderzoek naar HOV-tramverbinding Heijendaal-centrum-Waalsprong
De gemeente Nijmegen en Stadsregio Arnhem Nijmegen gaan samen de mogelijkheden onderzoeken van een tramverbinding tussen de Waalsprong, de
Nijmeegse binnenstad, en campus Heijendaal. De tram moet onderdeel gaan
uitmaken van het toekomstige netwerk van Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV) in Nijmegen.
Dat heeft het college van burgemeester en wethouders deze week besloten. Als een tram haalbaar blijkt, komt deze door de Burchtstraat te rijden. De
markt wordt dan gedeeltelijk verplaatst. Indien een tramverbinding niet te realiseren is, blijft de markt op de huidige plek. De toekomstige HOV-route
Heijendaal-Waalsprong zal dan de binnenstad aandoen via de halteplaatsen
Kelfkensbos, Waalkade, Joris Ivensplein en Plein 1944.
In februari 2006 heeft de gemeenteraad ingestemd met de plannen voor Hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV). Reizigers in Nijmegen moeten in de
toekomst via drie HOV-lijnen (Heijendaal-Waalsprong, Dukenburg-Waalsprong, en
Beuningen-Heijendaal) kunnen beschikken over schoon, snel, comfortabel en regelmatig rijdend openbaar vervoer.
De eerste lijn die wordt uitgewerkt (doelstelling ingebruikname is 2013/2014) is de lijn Waalsprong- centrum - Heijendaal. Uitgangspunt was
dat het HOV via geleide bussen die zowel op rails als op de weg kunnen rijden in de toekomst zeven dagen per week door de Burchtstraat zou gaan.
Als een combinatie met de markt niet mogelijk zou zijn, diende de markt verplaatst te worden. Inmiddels is duidelijk dat de combinatie
markt/HOV uit oogpunt van veiligheid niet mogelijk is. Daarom is in overleg met de
marktcommissie gezocht naar een alternatieve locatie voor de marktkooplieden in de Burchtstraat en Augustijnenstraat. Dat alternatief is
gevonden op Plein 1944 en de Molenstraat.
Een andere conclusie is echter dat vanwege slechte ervaringen elders geleide bussen niet gewenst zijn voor het HOV. Er is daarom ook gekeken
naar een alternatief: de tram. Ten opzichte van geleide bussen heeft de tram een aantal voordelen. Het meest in het oog springende is de grotere
aantrekkingskracht op reizigers. Een tramverbinding leek voor Nijmegen tot
voor kort financieel niet haalbaar, maar nieuwe ontwikkelingen hebben tot een verandering van inzicht geleid. Zo wil de Stadsregio naast Regiorail
graag een tweede railgebonden verbinding tussen Arnhem en Nijmegen realiseren. Bovendien ziet de Stadsregio mogelijkheden voor het doortrekken
van de verbinding Heijendaal-Waalsprong richting Bemmel en verder. Voordeel van doortrekking is ook dat het voor vervoersbedrijven aantrekkelijk kan
zijn om mee te investeren in de tramlijn. Bijvoorbeeld in ruil voor een langdurige concessie en/of ontwikkelingsrechten. Daarnaast bestaat de
verwachting dat ook vanuit diverse publieke bronnen financiële bijdragen kunnen worden verkregen.
De komende maanden worden de financiële en ruimtelijke consequenties van een tramverbinding tussen Waalsprong, centrum en Heijendaal verder
onderzocht, net als de gevolgen voor het overige openbaar vervoer.
Dit alles past in de uitwerking van het concept Masterplan OV van de Stadsregio, dat op dit moment ter inzage ligt.
Mocht blijken dat een tramverbinding Heijendaal-Waalsprong niet haalbaar is, dan geeft het college van burgemeester en wethouders er de voorkeur aan
de markt op de huidige locatie te handhaven. Ook vindt het college, uit oogpunt van veiligheid en verbetering van het verblijfsklimaat, het in
principe niet wenselijk in de toekomst nog ongeleide systemen door de Burchtstraat en Augustijnenstraat te laten rijden.
Het besluit van het college ligt in de periode 20 juni tot en met 14 augustus ter inzage. Belanghebbenden kunnen in die periode ook inspreken op
het besluit. Medio 2008 wordt definitief de keuze gemaakt tussen een tramverbinding of hoogwaardige bussen voor de HOV-lijn
Heijendaal-Waalsprong.
(bron: gemeente Nijmegen, juni 2007)
De Gelderlander 16 juni 2007:
Nijmegen ziet tram als serieuze optie
door Rob Jaspers
NIJMEGEN - De tram keert mogelijk terug in de stad Nijmegen. Een tramverbinding tussen de Waalsprong, centrum en Heyendaal kan het openbaar vervoer een
enorme impuls geven, geloven de gemeente en de Stadsregio Arnhem - Nijmegen.
Met de aanleg van een tramnet is een investering gemoeid van 26 miljoen in Nijmegen, 10
miljoen op de Waalbrug en 30 tot 46 miljoen in de Betuwe. Volgens wethouder Jan van de Meer van Verkeer en Milieu zijn trams zeer milieuvriendelijk
en worden ze bovendien steeds stiller. "Wat verder telt, is dat tramverbindingen meer dan
de bus bedrijvigheid op knooppunten stimuleren. Het oogt allemaal dynamischer. Daardoor
stappen mensen sneller in de tram dan in de bus."
Zeker op het traject Centraal Station-Heyendaal is de inzet van een tram gewenst. Het
aantal reizigers per dag bedraagt momenteel dik 18.000. Elke twee minuten rijdt er in de
spits een bus door de spoorkuil naar de campus. Dat is het maximum. Een tram kan meer
reizigers aan.
De gemeente Nijmegen en de Stadsregio gaan samen de mogelijkheden voor aanleg van een
trambaan onderzoeken, te beginnen in Nijmegen, met een mogelijke verlenging naar Ressen,
Bemmel en Huissen. Nijmegen zette tot voor kort nog in op een 'tram op banden'. Ervaringen elders in Europa
hebben geleerd dat zo'n tramachtig systeem niet werkt. "Je moet of voor de echte tram
kiezen of inzetten op extra lange bussen die op milieuvriendelijke brandstof, zoals
aardgas of waterstof rijden", aldus Van der Meer. De kansen voor de tram zijn gekeerd
omdat vervoersmaatschappij Connexxion samen met partners bereid is mee te investeren in
de aanleg van de noodzakelijke rails. In ruil daarvoor vraagt Connexxion een langdurige
vervoersconcessie voor deze regio. Voor dat laatste moet de minister toestemming
verlenen. De eerste contacten zijn hiervoor al gelegd.
Ook de Stadsregio ziet kansen subsidies binnen te halen voor een tweede railgebonden
verbinding tussen Nijmegen en Arnhem en een railnet naar Bemmel. Medio 2008 wordt de
knoop doorgehakt. Een keuze voor een echte tram, betekent het einde van de markt in de
Burchtstraat en Augustijnenstraat. Die moet naar Plein 1944 en de Molenstraat.
Een tram kan meer mensen aan dan een bus. Vandaar dat in Nijmegen de gedachte is
ontstaan, Waalsprong, centrum en Heyendaal met de tram te verbinden.