NRC
Handelsblad: hoofdartikel 6 jan. 2004
Wissel op het spoor
Albert Heijn verlaagt de prijzen als het aantal klanten daalt, maar de
Nederlandse Spoorwegen verhogen in dat geval juist de tarieven, met 4 procent
per 1 januari. Albert Heijn opereert in een markt waar de klanten vrij kunnen
kiezen tussen verschillende supermarkten, terwijl de Nederlandse Spoorwegen een
overheidsmonopolie exploiteren waar veel belastinggeld in wordt gestoken. Van
'winst' op het spoor is dan ook geen sprake, ook al noemt de NS-directie het zo.
Wél is sprake van een eventueel gunstige financiële uitkomst van de
onderhandelingen met de overheid over het gebruik van het spoor, de OV-kaart
voor studenten en over de exploitatie van onrendabele lijnen.
Door de splitsing van de spoorwegen is het financiële beeld ondoorzichtiger
geworden. NS Vastgoed mag zich rijk rekenen met de waardevolle grond en
opstallen van de staat op en rond het spoor, terwijl NS Reizigers de ondankbare
taak heeft om jaarlijks de rekening voor het laten rijden van treinen rond te
krijgen. Het lijkt op de symbiose waarbij de kip de eieren levert en het varken
het spek. Het rijk steekt dit jaar 847 miljoen euro in het onderhoud van de
rails (meer dan voor wegenonderhoud) en 170 miljoen in de exploitatie van de
treinen, bij elkaar meer dan een miljard, plus nog alle bijbehorende
apparaatskosten. NS betaalt slechts 60 miljoen euro voor de rails en keerde in
2002 16 miljoen uit aan dividend aan de overheid, een fractie van de kosten.
Ondertussen gaat de NS door met ondernemer spelen. Onder andere exploiteren de
Nederlandse Spoorwegen treindiensten in Groot-Brittannië, waar het
reizigersvervoer per trein geprivatiseerd is.
Dit alles neemt niet weg dat de politiek verantwoordelijk is voor het
spoorvervoer. Door het in rekening brengen van kosten van railonderhoud en het
vergoeden van onrendabele lijnen en OV-abonnementen stuurt de overheid mede de
prijs van het treinkaartje. NS verhoogt de prijs van dat treinkaartje met de
belofte dat het spoor even stipt wordt als in het tijdperk van voor de
verzelfstandiging en de splitsing. Vorig jaar is de stiptheid verbeterd tot 83
procent: een resultaat ver onder het gemiddelde van vroeger. Steeds meer
reizigers geloven het wel en stappen in de auto.
Het wordt dus tijd dat de overheid zich bezint op de rol van het spoor in het
land en op de vraag hoeveel geld zij daar voor over heeft. De reorganisaties, de
verzelfstandiging en pogingen tot kostenbesparing hebben principiële keuzes in
de weg gestaan. Door hoger comfort en de afwezigheid van files op het spoor is
de trein nog steeds superieur aan de bus, maar is dat voldoende reden om
spoorlijnen in stand te houden? Is de trein alleen bedoeld voor 'gratis'
reizende studenten, jongeren die gaan stappen en bejaarden zonder rijbewijs? Of
moet de trein ook een rol spelen in het spitsvervoer ter bestrijding van files?
's Avonds raken treinen leeg omdat mensen zich onveilig voelen. Moet de trein
ook buiten de spits blijven rijden of moet de dienstregeling dan langzaam worden
opgeheven? Moet er een nationaal spoornet in stand worden gehouden of heeft het
alleen zin voor de dichtbevolkte Randstad? Door de prijs te verhogen bij een
afnemend aantal reizigers schakelt NS alvast de wissel op verdere inkrimping. De
politiek zou zich moeten beraden op de vraag of dat wel verstandig is.
Geen
gratis bus
De
Amerikaanse uitdrukking 'er bestaat niet zoiets als een gratis lunch' heeft
sinds deze week een Nederlandse variant. Twee regionale buslijnen zijn gisteren
begonnen om bij wijze van proef een jaar lang gratis passagiers te vervoeren van
en naar Den Haag. Gehoopt wordt dat dagelijks driehonderd passagiers van deze
service, bedoeld om het spitsverkeer tussen Leiden en Den Haag centrum te
ontlasten, gebruik zullen maken. Uitgaande van 260 werkdagen per jaar betekent
dat zo'n 78.000 passagiers per jaar. De provincie subsidieert het project met
een miljoen euro. Dat komt neer op 12,80 euro per passagier, opgebracht door de
belastingbetalers van Zuid-Holland. Inderdaad, er bestaat niet zoiets als een
gratis busrit.Het project is het initiatief van de ambitieuze Zuid-Hollandse
PvdA-gedeputeerde Norder, die al eerder opviel omdat hij de 475 miljoen euro die
minister Peijs (CDA) onlangs beschikbaar stelde voor de ontbrekende 6,8
kilometer van de A4 tussen Delft en Vlaardingen, nog niet genoeg vond. De
minister heeft, met steun van de Kamer, voet bij stuk gehouden.
In het geval van het gratis busvervoer in de regio Den Haag is het de vraag of de prijs het grootste struikelblok vormt om passagiers te trekken. Snelle, betrouwbare verbindingen zijn belangrijker. Een staking van de chauffeurs, zoals vanochtend in Zaandam, waardoor naar schatting 10.000 buspassagiers niet naar hun werk in Amsterdam konden komen, doet meer schade aan de reputatie van het openbaar vervoer dan de prijs van een enkeltje of van een jaarabonnement.
Van principiëler betekenis is dat het uitgangspunt 'gratis openbaar vervoer' onjuist is. Transport heeft maatschappelijke en economische kosten. Er zijn variaties mogelijk om met prijsbeleid het vervoersgedrag te beïnvloeden, maar daarbij moeten kosten en baten tegen elkaar worden afgewogen. Driehonderd passagiers voorzien van een dagelijkse busrit voor geen geld is politiek hobbyisme. Bussen rijden niet voor niets.